A jaar

Deze site is een tijdelijke oplossing om de preken van Marcel bereikbaar te maken. Klik op een link, om de desbetreffende preek te lezen. (Sorry, de opmaak van de preken is nog niet overal in orde.)
Indien u de preek op een klein scherm wil lezen, komt de preek niet naast, maar onder de reeks linken. U zal dus naar beneden moeten scrollen.

2e ZONDAG VAN DE ADVENT (A)  -  4 en 5 december 2010.

Jesaja 11 : 1 – 10.
Mattheus 3: 1 – 12.

Zusters en broeders,

I.          'Vertolker van dromen' of, minder vriendelijk uitgedrukt, 'leverancier van utopieën':het zijn niet direct gebruikelijke omschrijvingen van een profeet.  En toch valt er iets te zeggen, voor die omschrijvingen.  Kijk bv maar naar die twee lezingen van vandaag.
In de eerste lezing is een droom aanwezig over de komst van een ideale mens, iemand die een einde zal maken aan allerlei wantoestanden: aan onrecht en aan uitbuiting.  Hij staat bovendien aan het begin van een tijd van vrede: vrede onder de mensen die wordt uitgebeeld in vrede onder de dieren.  De wolf die huist naast het lam,de panter naast het geitje.  Dat is 'deze wereld omgekeerd'. (Oosterhuis)  Met deze droom houdt het in de liturgie van vandaag nog niet op.  Er is eveneens een droom aanwezig in het evangelie van deze zondag.  Johannes de Doper droomt van een volk van God dat gereinigd, gezuiverd is.  Je zou deze zondag dus kunnen noemen: zondag van de grote dromen.

II.         Maar de generatie waartoe wij behoren, is ten opzichte van dromen, visioenen en utopieën bijzonder wantrouwig geworden.  Er is op dat soort dromen minstens van twee kanten met scherp geschoten.  De eerste aanval kwam van de kant van psychologen.  Wie in dat soort dromen gelooft, is iemand die de realiteit ontvlucht.  Hij of zij is onvolwassen, is blijven leven in de wereld van het kind.  'Hij leeft in een droomwereld', zegt men, en dat is geen compliment.  Of 'zij vlucht in een droom'.  Dat is niet gezond.
De tweede aanval, misschien nog veel scherper, kwam van de kant van historici en van sociologen.  Ze laten zien hoe gevaarlijk dromen kunnen zijn.  Mooi genoeg, maar te mooi om waar te zijn.  En letterlijk levensgevaarlijk.
Dat hebben wij namelijk meegemaakt.  Het marxisme leefde van een droom.  Marx droomde van een wereld waarin er erkenning zou zijn van de mens door de mens in een klasseloze maatschappij.  Gedaan met onrecht en uitbuiting.  Vrijheid, gelijkheid en broederlijkheid, het oude ideaal van de Franse revolutie, maar nu doorgetrokken tot in de economische en maatschappelijke verhoudingen.  Het probleem is altijd weer dat de realisatie van die droom op zoveel tegenwerking stuit.  Men ziet zich dan gedwongen om geweld te gebruiken om die droom koste wat kost te realiseren.  Met als gevolg dat bv in de periode van de Franse revolutie verschillende generaties elkaar, omwille van die droom, hebben uitgemoord.  En over het marxisme hebben niet de kapitalisten maar linkse franse intellectuelen een boek geschreven met als titel
'Le livre noir du communisme'. (1)  Met op de stofomslag van het boek: 85 millions de victimes: 85 miljoen slachtoffers.  Het zijn er meer dan de slachtoffers van het nazisme.  Vandaar de waarschuwing tegen utopieën, de waarschuwing: in Gods naam, schei uit met achter dromen, visoenen of utopieën aan te lopen : ze zijn levensgevaarlijk.

III.        Maar toen kwamen er een paar mensen naar voren, die lieten zien wat dromen kunnen betekenen, op voorwaarde dat mensen zich niet laat verleiden om ze met geweld te willen realiseren.  De eerste was Mahatma Gandhi, (1869 – 1948) die zelfbestuur van India als ideaal, als een droom nastreefde, maar met geweldloze middelen.  De tweede was Martin Luther King, (1929-1968) die de gelijkberechtiging van de negerbevolking zag als een droom die hem bezielde ('I have a dream').  In beide gevallen werd duidelijk welke positieve kracht een droom hebben kan, wanneer deze op een niet gewelddadige wijze tot actie inspireert.  Wellicht het meest duidelijk werd de betekenis van het visioen verwoord door de Duitse filosoof Jürgen Habermas(° 1929).  Hij liet namelijk zien wat er gebeurt wanneer het visioen ontbreekt, wanneer mensen het zonder droom moeten stellen.  Hij zei: 'Als in een samenleving de utopische oasen uitdrogen, dan breidt er zich een woestijn uit van banaliteit en van radeloosheid'. (2)  Een droom een visioen, een utopie, bezorgt u namelijk een doel in uw leven.  Als je zo’n droom of zo’n utopie niet hebt, wat blijft u dan nog over om naar uit te zien, om voor te werken?  Je belandt dan in de banaliteit.  Banaal is iets wat geen diepere betekenis heeft.  Als een mens geen andere dingen heeft om naar te streven dan nog duurdere kleding, een nog zeldzamere auto, een vakantie nog verder weg, dan is hij met of zonder bonussen in de banaliteit terecht gekomen.  En nog iets, zegt Habermas, zonder dromen loert de radeloosheid om de hoek.  Want je vindt dan geen antwoord meer op de vraag die de titel is van een boek van Lode Zielens: 'Moeder, waarom leven wij?' (3)  Het boek der Spreuken zei het zo 'Waar het visioen ontbreekt verwildert het volk' (Spreuken 29:18).  De onmisbaarheid van zoiets als een droom of een utopie kon moeilijk duidelijker worden verwoord .

IV.       Over ons gesproken … Wat is onze plaats eigenlijk binnen dit verhaal over dromen en utopieën?
De liturgie van de Advent staat in functie van zo’n utopie, van zo’n droom.
Ze herinnert ons er aan dat in Jezus van Nazareth de realisatie van zo’n droom de wereld is binnen gekomen.  De droom van een andere wereld zoals die bv is verwoord in het visioen van de profeet Jesaja, die droom heeft in zijn leven een begin van realisatie gevonden.  De rechtvaardige, waarover de profeet spreekt, die komt in hem aan het woord, die zie je in hem aan het werk.  De man die het opneemt voor geringen en verdrukten, die is in hem aanwezig.  De uitbuiter die hij zal striemen met de gesel van zijn mond vindt ge terug in de man uit Nazareth, die het onrecht en de schijnheiligheid van Farizeeën en schriftgeleerden aanklaagt.  En wat die droom over vrede betreft: Wanneer de engelen bij zijn geboorte zingen over vrede op aarde, wanneer hij zelf in zijn bergrede zegt: 'Zalig de vreedzamen, want ze zullen kinderen van God worden genoemd' en wanneer hij bij zijn afscheid tot zijn leerlingen zegt: 'Vrede laat ik u, mijn vrede geef ik u' (Joh. 14:27) roept dat dan niet de herinnering op aan wat Jesaja als belofte formuleerde in de beeldende taal van de dierenvrede?
Wie in Jezus van Nazareth gelooft die leeft van een visioen van een droom van een nieuwe samenleving die in Jezus is begonnen.  Daaraan herinnert de liturgie van de Advent.  Maar ze is ook nog iets anders, ze is ook nog oproep.  Want de verdere realisatie van die droom, van die nieuwe samenleving die in Jezus is begonnen betreft: de voortzetting daarvan is in onze handen gelegd.  Daarom wordt er zowel door Johannes de Doper als door Jezus van Nazareth beklemtoond dat de toekomst van de droom afhangt van de vraag of mensen in zijn spoor, in het spoor van Jezus van Nazareth willen gaan.  Of mensen zich, met hun leven naar hem toe willen keren, of ze in bijbelse taal uitgedrukt, zich willen bekeren.
Dat is nooit en bij niemand een eens en voorgoed verworven houding.  Die droom heeft nu eenmaal de meeste feiten tegen.  Om van het egoïsme nog maar niet te spreken.  Voor een sceptische toeschouwer is geloven in Jezus van Nazareth en zijn droom zoiets als 'zich aan deze dwaasheid toevertrouwen'.  Maar van die droom, van die belofte leven wij, zo krachtig en zo kwetsbaar als dat mag zijn.  Omdat daar echter telkens weer sleet op komt moeten wij daartoe worden opgeroepen, elk jaar weer, elke Advent opnieuw.  Wat wij vieren met Kerstmis is: het aanbod van een nieuwe wereld, die in dit kind is begonnen, niet meer en niet minder.  Met de boodschap er bij: verder is het nu wel aan ons.

Amen.

Marcel Heyndrikx SVD

(1)     COURTOIS Stéphane (e.a.):Le livre noir du communisme .Crimes, terreur, répression. Paris, Laffont,1997, 846 pp.

(2)     HABERMAS Jürgen: Die neue Unübersichtlichkeit .Kleine politische Schriften 5. Frankfurt am Main, Suhrkamp,1975, pp. 35-36.

(3)       ZIELENS Lode: Moeder, waarom leven wij ?.Amsterdam, Elsevier,1944.

© Marcel Heyndrikx - Iedereen mag deze preken en teksten gebruiken mits ze vrij en gratis voor iedereen toegankelijk blijven.